Voorafbetalen in 2018

Ondernemingen die onvoldoende voorafbetalingen doen, worden daarvoor bestraft. Ze moeten een belastingvermeerdering betalen. Vanaf dit jaar, wil de regering voorafbetalen nog meer aanmoedigen. Het vermeerderingspercentage bedraagt vanaf nu in de vennootschapsbelasting minstens 6,75 %.

Moet u voorafbetalen?

U moet voorafbetalen als u winsten of baten behaalt. Dat wil zeggen dat ondernemers, vrije beroepers en alle vormen van vennootschappen voorafbetalingen moeten doen.

Wanneer moet u voorafbetalen in 2018?

Als u uw boekjaar afsluit op 31 december 2018, moet u ten laatste voorafbetalen op:

voorafbetaling 1: 10 april 2018

voorafbetaling 2: 10 juli 2018

voorafbetaling 3: 10 oktober 2018

voorafbetaling 4 : 20 december 2018.

Vermeerderingspercentage stijgt

Het vermeerderingspercentage is gelijk aan 2,25 keer de basisrentevoet. De basisrentevoet is de interestvoet van de Europese Centrale Bank op 1 januari van het belastbare tijdperk. De minimale basis is vanaf dit jaar 3 %. Dat betekent dat het vermeerderingspercentage nu minstens 6,75 % bedraagt in de vennootschapsbelasting. In de personenbelasting blijft het percentage 2,25 %.

Hoe werkt het in de praktijk?

Stel dat uw onderneming 100.000 euro belasting verschuldigd is over de winsten die u maakt in 2018 (dat is aanslagjaar 2019).  Als u geen voorafbetalingen doet, bent u de maximale vermeerdering verschuldigd =>  100.000 euro x 6,75 % = 6.750 euro.
Door voorafbetalingen te doen, kan u deze potentiële vermeerdering wegwerken. Iedere voorafbetaling doet het bedrag van de vermeerdering afnemen. De eerste voorafbetaling levert het meeste op.

Voorbeeld

VA 1: 27.000 x 9,00 % =  2.430 euro

VA 2: 43.000 x 7,50 % = 3.225 euro

VA 3: 30.000  x 6,00 % = 1.800 euro

VA 4: 0 x 4,50 % = 0 euro

Totaal = 7.455 euro

Hiermee heeft u de vermeerdering van 6.750 euro volledig weggewerkt en zelfs meer voorafbetalingen gedaan dan nodig.

Nieuws

Als u als bedrijfsleider een lening krijgt van uw eigen vennootschap, dan kijkt de fiscus of de interest die u betaalt, marktconform is. Die marktrente wordt jaarlijks vastgelegd. De vraag is of het forfaitair berekende voordeel zonder meer geaccepteerd moet worden.

Naar goede traditie worden tegen het einde van het jaar de prijzen gepubliceerd voor de openbaarmaking van de jaarrekening in de loop van het volgend jaar. Deze prijzen zijn gekoppeld aan het indexcijfer van de consumptieprijzen en daarom is de neerlegging van de jaarrekening in 2020 enkele eurootjes duurder dan in 2019.

Als een werkgever een bedrijfswagen ter beschikking stelt van een werknemer of bedrijfsleider, dan wordt die werknemer/bedrijfsleider op het voordeel belast. De berekening van het voordeel is onder meer afhankelijk van de CO2-uitstoot van het voertuig tegenover de ‘gemiddelde uitstoot van het Belgische wagenpark’. Die gemiddelde uitstoot ging in 2019 weer een beetje omhoog en dat is goed nieuws voor wie een bedrijfswagen heeft.