Mobiliteitsbudget en cash for car

Met het mobiliteitsbudget en de cash for car-regeling promoot de regering andere vervoersmiddelen dan de bedrijfswagen. Cash for car werd al goedgekeurd in het parlement. De regering is het intern al wel eens over het mobiliteitsbudget. Maar de Kamer moet nog instemmen met de concrete regels.

Verschil tussen cash for car en mobiliteitsbudget

Cash for car, ook wel de mobiliteitsvergoeding, doet letterlijk wat het zegt. Het maakt het voor werknemers mogelijk om hun salariswagen te ruilen voor loon in geld.

Het mobiliteitsbudget sluit hierbij aan, maar is niet hetzelfde. Het mobiliteitsbudget geeft  werkgevers en werknemers meer mogelijkheden. De werknemer kan zijn budget verdelen over verschillende vervoersmiddelen: een salariswagen, het openbaar vervoer, de fiets. Het budget wordt bepaald op basis van wat de wagen van de werknemer precies kost aan de werkgever, de Total Cost of Ownership of TCO.

Het mobiliteitsbudget in drie stappen

Stap 1: U ruilt uw auto voor een milieuvriendelijker model. De auto heeft een lagere CO2-uitstoot. Het belastbaar voordeel van uw auto is lager. U heeft nog budget over voor andere vervoersmiddelen. Voor de werkgever blijven de kosten aftrekbaar in functie van de CO2-uitstoot.

Stap 2: U gebruikt naast de auto ook andere, meer duurzame vervoersmiddelen, bv. het openbaar vervoer, de fiets. Dit is in het voordeel van u en van uw werkgever: deze vervoersmiddelen zijn belastingvrij voor u en volledig aftrekbaar voor de werkgever. Voorbeeld: u rijdt met de auto naar het station en neemt daar de trein naar zijn werk.

Stap 3: U hebt niet het ganse mobiliteitsbudget gebruikt (na milieuvriendelijke auto + gebruik ander vervoersmiddel). U krijgt het saldo in de vorm van een geldbedrag dat onderworpen wordt aan sociale bijdragen.

Keuzesysteem 

Het is een optioneel systeem. Zowel voor de werkgevers als voor de werknemers. Werkgevers zijn niet verplicht het systeem aan te bieden. U hebt als werknemer de keuze in het systeem te stappen.

Voorwaarden

Werkgevers moeten al minstens 36 maanden een bedrijfswagenbeleid voeren. Voor starters gelden er soepeler voorwaarden.

U hebt alleen recht op een mobiliteitsbudget als u al een salariswagen hebt. 

Nieuws

Bedrijven die hun werknemers meer opleidingsuren toekennen dan reglementair is vereist, genieten sinds 1 januari 2021 van een vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing. Als de werknemer gedurende een ononderbroken periode van 30 kalenderdagen minstens 10 dagen opleiding volgt op kosten van de werkgever, dan moet de werkgever een bedrag gelijk aan 11,75% van de bezoldiging van de betrokken werknemer niet doorstorten aan de Schatkist.

Sinds 2014 moeten banken aan het Centraal Aanspreekpunt of “CAP” laten weten wie er allemaal een rekening heeft bij Belgische banken. Dat laat de fiscus toe om, bij een onderzoek, met slechts één vraag aan het CAP, kennis te krijgen van de rekeningen van een belastingplichtige. Het saldo moest niet gecommuniceerd worden. Maar dat is veranderd op 1 januari 2021.

De mogelijkheid om een jaarrekening te corrigeren heeft eigenlijk pas een wettelijk kader gekregen in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV). De CBN heeft midden 2020 haar oude advies (van 2014) aan dat nieuwe wettelijke kader aangepast. De correctie of aanpassing van een goedgekeurde jaarrekening kan op twee verschillende manieren plaatsvinden.