Doelgroepvermindering voor ouderen in het Brussels en Waals Gewest

Door de zesde staatshervorming kunnen de gewesten een eigen doelgroepenbeleid uitwerken. De Vlaamse overheid heeft dit vorig jaar al gedaan. Ook het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft een specifieke voorziening voor oudere werknemers ingevoerd. Dit systeem is sinds 1 oktober 2016 in werking. Wallonië introduceerde op 1 juli 2017 een nieuwe doelgroepvermindering voor oudere werknemers.

Wat is een doelgroepvermindering?

Een doelgroepvermindering is een vermindering van de werkgeversbijdrage voor de sociale zekerheid bij de tewerkstelling van een werknemer die tot een bepaalde doelgroep behoort. Sinds de zesde staatshervorming kunnen de gewesten de doelgroepen vastleggen waarvoor een vermindering kan worden toegekend. De vestigingseenheid bepaalt welk gewest bevoegd is.

In het Brussel Hoofdstedelijk Gewest

Op 1 oktober 2016 introduceerde Brussel een nieuwe doelgroepvermindering voor oudere werknemers. De Brusselse doelgroepkorting vervangt de bestaande (federale) doelgroepvermindering ouderen. Ze geldt enkel voor de werknemers die werken in of afhangen van een vestigingseenheid in Brussel. De plaats van tewerkstelling is dus bepalend, de woonplaats van de werknemer op wie de doelgroepkorting van toepassing is, speelt geen rol.

Voor deze doelgroepvermindering komen enkel oudere werknemers uit categorie 1 van de structurele vermindering (= privé-sector) waarvan het referteloon van het lopende kwartaal niet hoger is dan 12.000 EUR in aanmerking. Vanaf 1 oktober 2017 verlaagt het maximum refertekwartaalloon (basisbedrag) van 12.000 EUR naar 10.500 EUR.
Werkgevers uit categorie 2 en 3 vallen buiten het toepassingsgebied. Het betreft de socialprofitsector (ziekenhuizen, onderwijsinstellingen, rusthuizen, kindercrèches, ...).

Patronale verminderingsbedragen

Het bedrag van de doelgroepvermindering ouderen is een vast kwartaalbedrag en hangt af van de leeftijd van de werknemer. De leeftijd op het einde van het kwartaal is bepalend:

De oudere werknemer van minstens 55 jaar en jonger dan 58 jaar opent het recht op een doelgroepvermindering van 400 EUR.

De oudere werknemer van minstens 58 jaar en jonger dan 62 jaar opent het recht op een doelgroepvermindering van 1.000 EUR.

De oudere werknemer van minstens 62 jaar en jonger dan 65 jaar opent het recht op een doelgroepvermindering van 1.500 EUR.

De verminderingsbedragen zijn maximumbedragen per kwartaal. Voor deeltijders en voltijders met onvolledige kwartaalprestaties kan de vermindering worden geprorateerd.
De vermindering wordt automatisch toegepast zodra de oudere werknemer aan de voorwaarden beantwoordt.

Overgangsmaatregelen?

Neen. De regels zijn van toepassing op nieuw aangeworven werknemers en op de lopende verminderingen voor oudere werknemers. Die oudere werknemer moet wel aan de nieuwe voorwaarden voldoen want anders gaat het recht op de vermindering verloren.

In het Waals Gewest

De nieuwe doelgroepvermindering voor oudere werknemers ter vervanging van de bestaande doelgroepvermindering ouderen in Wallonië is op 1 juli 2017 van start gegaan.
Enkel oudere werknemers uit categorie 1 van de structurele vermindering (zie supra) waarvan het refertekwartaalloon van het lopende kwartaal lager is dan 13.942,47 EUR openen een recht op deze vermindering.

Patronale verminderingsbedragen

Ook hier bepaalt de leeftijd van de werknemer op de laatste dag van het kwartaal, het bedrag van de doelgroepvermindering. De werknemer moet op de laatste dag van het kwartaal minimum 55 jaar zijn en hij mag het voorafgaande kwartaal de wettelijke pensioenleeftijd (*) niet hebben bereikt:

De oudere werknemer van minstens 55 jaar en jonger dan 58 jaar opent het recht op een doelgroepvermindering van 400 EUR.

De oudere werknemer van minstens 58 jaar en jonger dan 62 jaar opent het recht op een doelgroepvermindering van 1.000 EUR.

De oudere werknemer van minstens 62 jaar opent het recht op een doelgroepvermindering van 1.500 EUR.

De rsz-vermindering stopt op de eerste dag van het kwartaal volgend op het kwartaal waarin de werknemer de wettelijke pensioenleeftijd bereikt.

(*) In België is  de wettelijke pensioenleeftijd 65 jaar. De wettelijke pensioenleeftijd wordt in 2025 (vanaf 1 februari 2025) verhoogd tot 66 jaar en in 2030 (vanaf 1 februari 2030) tot 67 jaar.

Overgangsmaatregelen?

Ja. Voor de werknemers die op 30 juni 2017 in dienst zijn én 54 jaar zijn, is een overgangsmaatregel voorzien. Voor hen geldt de vermindering van 400 EUR tot het kwartaal dat ze 55 jaar worden, als hun refertekwartaalloon lager is dan 13.942,47 EUR. Vanaf dat kwartaal komt de werknemer in aanmerking voor de nieuwe Waalse rsz-vermindering.
Werkgevers met nadien in dienst genomen werknemers die op het einde van het kwartaal de leeftijd van 55 jaar niet bereikt hebben, kunnen voor deze werknemers sinds 1 juli 2017 geen gebruik meer maken van de doelgroepvermindering oudere werknemers.

Vanaf 1 januari 2018 moet het refertekwartaalloon van de oudere werknemer lager zijn dan een loongrens die de Waalse regering vaststelt.

Nieuws

De ‘milde toepassing’ van de 80%-grens, zoals de belastingadministratie die toepaste voor de premies van 2020, wordt verlengd voor de premies van 2021. De administratie kondigde dit aan in een circulaire van 10 juni 2021. Wat houdt die versoepeling precies in?

Midden 2020 pakte de regering uit met de consumptiecheque. De werkgever mocht zijn personeel een bonus geven, vrij van belastingen en sociale zekerheid, tot maximum 300 euro. Een jaar later komt er een heruitgave van deze bonus (nu heet die ‘coronapremie’), maar ook aan de consumptiecheque wordt noodgedwongen nog wat gesleuteld.

Voor een ondernemer is de revalorisatiecoëfficiënt van het kadastraal inkomen (kortweg KI) relevant in twee specifieke situaties: als hij als particulier een woning verhuurt aan een onderneming en als hij als bedrijfsleider een woning verhuurt aan zijn eigen onderneming.