Forfaitaire btw-regeling in welke sectoren?

De lijst van sectoren die de forfaitaire btw-regeling mogen toepassen wordt bij koninklijk besluit vastgelegd. De lijst voor 2019 werd ondertussen bekendgemaakt. Daarbij werden ook de toepassingsvoorwaarden nog eens uitdrukkelijk vastgesteld. Het oude KB uit 1969 werd hiermee opgeheven.

Rechtsvorm van de belastingplichtige

Om van de forfaitaire regeling te kunnen genieten, moet de onderneming werken als natuurlijke persoon of in de vorm van een vennootschap onder firma (VOF), gewone commanditaire vennootschap (GVC) of bvba.

Andere voorwaarden

Alleen belastingplichtigen die voor maximaal 25 % van hun omzet facturen moeten uitreiken, komen in aanmerking.  Bovendien mag hun jaaromzet niet meer bedragen dan 750.000 euro (excl. btw).

Btw-plichtigen die een witte kassa (GKS) moeten gebruiken, zijn sowieso uitgesloten.

Limitatieve lijst van sectoren

Een koninklijk besluit somt de sectoren op waarin de forfaitaire regeling nog van toepassing is. Deze lijst wordt jaarlijks aangepast. De lijst voor 2019:

Apothekers.

Bakkers, brood- en banketbakkers.

Caféhouders.

Consumptie-ijsbereiders.

Exploitanten van frietkramen.

Foornijveraars.

Kappers.

Kleinhandelaars in diverse textiel- en lederwaren.

Kleinhandelaars in kranten en tijdschriften.

Kleinhandelaars in levensmiddelen.

Kleinhandelaars in zuivelproducten en melkventers.

Schoenherstellers.

Slagers-spekslagers.

Verplichtingen

De administratieve verplichtingen in de forfaitaire regeling zijn heel wat lichter dan in het gewoon stelsel. De btw-plichtige moet alleen de volgende documenten ter beschikking houden:

Inkomende facturen.

Uitgaande facturen.

Dagboek voor ontvangsten.

Berekeningsblad.

Gedetailleerde opgave van bijkomende winst voortvloeiend uit bijzondere inkoopvoorwaarden.

Keuze voor normaal stelsel

Een btw-plichtige die onder het forfaitair stelsel valt, kan ook voor het gewone stelsel kiezen. Als de btw-plichtige daarvoor kiest, kan hij pas na twee volle jaren terug overschakelen naar het forfaitair systeem.

Nieuws

Bedrijven die hun werknemers meer opleidingsuren toekennen dan reglementair is vereist, genieten sinds 1 januari 2021 van een vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing. Als de werknemer gedurende een ononderbroken periode van 30 kalenderdagen minstens 10 dagen opleiding volgt op kosten van de werkgever, dan moet de werkgever een bedrag gelijk aan 11,75% van de bezoldiging van de betrokken werknemer niet doorstorten aan de Schatkist.

Sinds 2014 moeten banken aan het Centraal Aanspreekpunt of “CAP” laten weten wie er allemaal een rekening heeft bij Belgische banken. Dat laat de fiscus toe om, bij een onderzoek, met slechts één vraag aan het CAP, kennis te krijgen van de rekeningen van een belastingplichtige. Het saldo moest niet gecommuniceerd worden. Maar dat is veranderd op 1 januari 2021.

De mogelijkheid om een jaarrekening te corrigeren heeft eigenlijk pas een wettelijk kader gekregen in het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV). De CBN heeft midden 2020 haar oude advies (van 2014) aan dat nieuwe wettelijke kader aangepast. De correctie of aanpassing van een goedgekeurde jaarrekening kan op twee verschillende manieren plaatsvinden.