De bezoldigingstheorie ontleed: wat als bedrijfsleider over gratis woning beschikt?

Vaak worden bedrijfsleiders (gedeeltelijk) bezoldigd door hen gratis een woning ter beschikking te stellen. Over de aftrekbaarheid van de kosten voor deze woning heeft lange tijd discussie ontstaan. In principe is daar nu geen discussie meer over: de kosten zijn aftrekbaar. Maar, zegt het Hof van Cassatie, aftrek is geen automatisme. De vennootschap moet de terbeschikkingstelling verantwoorden en haar verloningspolitiek goed documenteren.

Loonkosten aftrekbaar

Loonkosten zijn aftrekbare beroepskosten. Ze voldoen aan de voorwaarde voor aftrekbaarheid: het zijn kosten gemaakt om belastbare inkomsten te verwerven. Hierover bestaat geen discussie.

Het is daarvoor niet relevant dat een deel van die bezoldiging in natura wordt uitbetaald, bv. via de gratis ter beschikkingstelling van een woning.

Gratis terbeschikkingstelling van woning als deel van loon: aftrek van kosten bij vennootschap

Ook de kosten voor de woning (die als loon ter beschikking wordt gesteld) zijn dus aftrekbaar voor de vennootschap. Dat kan zelfs als de bedrijfsleider het goed niet beroepsmatig gebruikt, maar enkel als privéwoonst. Dit werd ook uitdrukkelijk bevestigd door het hoogste Belgische rechtscollege, het Hof van Cassatie.

Maar: aftrek is geen automatisme

Toch wil dit niet zeggen dat een vennootschap automatisch recht heeft op aftrek van de kosten. Zo is het niet voldoende dat de bedrijfsleider belast wordt op een voordeel van alle aard voor de woning en/of dat de kosten op een fiche worden vermeld. Neen, de vennootschap moet aantonen dat de bedrijfsleider werkelijke prestaties heeft geleverd. Bovendien moet er een verband zijn tussen deze prestaties en de beloning. Daardoor wordt kosten aftrekken heel wat moeilijker.

Dus: vennootschap moet verloningspolitiek documenteren

De vennootschap moet dus een duidelijke verloningspolitiek uitbouwen. En, die verloningspolitiek ook goed documenteren. Zo kan verantwoord worden dat er prestaties werden verricht en waarom die werden beloond (met de terbeschikkingstelling van het onroerend goed).

Dat werd recent door verschillende Belgische hoven en rechtbanken bevestigd.
Hoe en wat de vennootschap precies moet documenteren, blijkt helaas niet uit de arresten. Dat zal dus nog moeten blijken: is een formeel zinnetje in een managementovereenkomst voldoende, of gaat het verder? Zolang we niet meer weten, is het allicht best van uitvoerig te documenteren.

In een vonnis van de rechtbank van eerste aanleg van Antwerpen vinden we wel een klein voorbeeld: een vennootschap betaalde haar zaakvoerder 36.000 EUR en stelde gratis een woning ter beschikking (waarvan de jaarlijkse kost voor de vennootschap 21.000 EUR bedraagt). De vennootschap verantwoordt dit door erop te wijzen dat de zaakvoerder vroeger een hoger loon in geld kreeg (65.000 EUR), maar nu een lager loon in geld krijgt, aangevuld met de woning. De rechtbank aanvaardde deze verantwoording.

Nieuws

Als u als bedrijfsleider een lening krijgt van uw eigen vennootschap, dan kijkt de fiscus of de interest die u betaalt, marktconform is. Die marktrente wordt jaarlijks vastgelegd. De vraag is of het forfaitair berekende voordeel zonder meer geaccepteerd moet worden.

Naar goede traditie worden tegen het einde van het jaar de prijzen gepubliceerd voor de openbaarmaking van de jaarrekening in de loop van het volgend jaar. Deze prijzen zijn gekoppeld aan het indexcijfer van de consumptieprijzen en daarom is de neerlegging van de jaarrekening in 2020 enkele eurootjes duurder dan in 2019.

Als een werkgever een bedrijfswagen ter beschikking stelt van een werknemer of bedrijfsleider, dan wordt die werknemer/bedrijfsleider op het voordeel belast. De berekening van het voordeel is onder meer afhankelijk van de CO2-uitstoot van het voertuig tegenover de ‘gemiddelde uitstoot van het Belgische wagenpark’. Die gemiddelde uitstoot ging in 2019 weer een beetje omhoog en dat is goed nieuws voor wie een bedrijfswagen heeft.