Geïndexeerde bedragen personenbelasting aanslagjaar 2018

Hieronder geven wij u een overzicht van de belangrijkste geïndexeerde bedragen in de personenbelasting. In dit overzicht staan enkel de federale bedragen. Belastingverminderingen en dergelijke waarvan het bedrag door de gewesten wordt bepaald (bv. dienstencheques) werden niet opgenomen.

Hieronder de bedragen voor aanslagjaar 2018, dat zijn uw inkomsten van dit jaar (2017). Achter ieder bedrag vindt u tussen haakjes het geïndexeerde bedrag voor aanslagjaar 2017 (dat zijn de bedragen die u in juni nodig heeft voor uw aangifte met uw inkomsten uit 2016).

Belastingvrije som en gezinssituatie

Belastingvrije som en verhoogde belastingvrije som

Belastingvrije som: 7.270 EUR (7.130 EUR) 

Verhoogde belasting vrije som voor personen met beperkt inkomen: 7.570 EUR (7.420 EUR)

Grensbedrag om recht te hebben op hogere belastingvrije som: 27.030 EUR (26.510 EUR)

Verhoging belasting vrije som voor gehandicapte belastingplichtige: 1.550 EUR (1.520 EUR)

Personen ten laste

Verhoging belastingvrije som voor personen ten laste 

één kind: 1.550 EUR  (1.520 EUR) 

twee kinderen: 3.980 EUR (3.900 EUR) 

drie kinderen: 8.920 EUR (8.740 EUR)

vier kinderen: 14.420 EUR (14.140 EUR)

meer dan vier kinderen (supplement per kind): 5.510 EUR (5.400 EUR)

Bijkomende toeslag voor kinderen onder de drie jaar (waarvoor geen uitgaven voor kinderoppas worden afgetrokken): 580 EUR (570 EUR)

Voor andere personen ten laste die de leeftijd van 65 jaar hebben bereikt: 3.090 EUR (3.030 EUR) (hier moet het gaan om ascendenten (ouders en grootouders) of broer/zus)

Voor iedere andere persoon ten laste: 1.550 EUR  (1.520 EUR)

Verhoging belastingvrije som alleenstaande met kinderen ten laste: 1.550 EUR  (1.520 EUR)

Maximumbedrag eigen nettobestaansmiddelen (kind ten laste): 3.200 EUR (3.140 EUR)

Verhoogd bedrag voor kind van alleenstaande: 4.620 EUR (4.530 EUR)

Verhoogd bedrag voor gehandicapt kind van alleenstaande: 5.860 EUR (5.750 EUR)

Onderhoudsgeld dat niet meetelt als bestaansmiddel: 3.200 EUR (3.140 EUR)

Bezoldiging studentenjob die niet meetelt als bestaansmiddel: 2.660 EUR (2.610 EUR)

Huwelijksquotiënt en meewerkende echtgenoot

Huwelijksquotiënt: 10.490 EUR (10.290 EUR)

Maximaal inkomen meewerkende echtgenoot uit eigen beroepsactiviteit: 13.620 EUR (13.360 EUR)

Beroepsinkomsten en roerende inkomsten

Vrijgesteld bedrag PC privé: 860 EUR (840 EUR)
Grensbedrag bruto belastbare bezoldiging om aan 'plan' te kunnen deelnemen: 33.820 EUR (33.170 EUR) 

Vrijgesteld bedrag van de vergoedingen door de werkgever toegekend als terugbetaling van reiskosten van de woonplaats naar de plaats van tewerkstelling: 390 EUR (380 EUR)

Minimum voordeel van alle aard voor privégebruik bedrijfswagen: 1.280 EUR (1.260 EUR)
Maximumbedrag auteursrechten die als roerende inkomsten worden aangemerkt: 58.720 EUR (57.790 EUR) 

Maximumbedrag forfaitaire beroepskosten

Werknemers: 4.320 EUR (4.240 EUR)

Zelfstandigen en meewerkende echtgenote: 4.060 EUR (3.980 EUR)

Bedrijfsleiders: 2.440 EUR (2.390 EUR)

Belastingschijven

25 % op de schijf tot 11.070 EUR (10.860 EUR)

30 % op de schijf tot 12.720 EUR (12.470 EUR)

40 % op de schijf tot 21.190 EUR (20.780 EUR)

45 % op de schijf tot 38.830 EUR (38.080 EUR)

50 % op de schijf boven 38.830 EUR (38.080 EUR)

Bedragen die dit jaar niet geïndexeerd worden

De bedragen van enkele (vooral) belastingverminderingen worden tot en met dit aanslagjaar niet geïndexeerd. Deze bedragen blijven behouden op het bedrag zoals het gold voor aanslagjaar 2014 (uw inkomsten uit 2013!). 

Woonbonus (federaal)

Maximumbedrag kapitaalaflossingen en levensverzekeringspremies (samen): 2.260 EUR

Verhoogd basisbedrag tijdens de eerste tien jaar: 750 EUR

Bijkomende verhoging tijdens eerste tien jaar als drie kinderen ten laste: 80 EUR

Aftrekbare giften 

Minimumbedrag: 40 EUR

Sparen

Maximumbedrag pensioensparen: 940 EUR

Vrijgestelde inkomsten uit spaardeposito's: 1.880 EUR

Maximumbedrag werkgeversaandelen: 750 EUR

Nieuws

Op 12 oktober 2021 publiceerde de Commissie voor Boekhoudkundige Normen (CBN) een advies over de alarmbelprocedure onder het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (WVV). De toepassing van de alarmbelprocedure hangt in grote mate af van de waarderingsregels die het bestuursorgaan hanteert. Bestuurders die de regels correct toepassen, vermijden de bijzondere aansprakelijkheid die zij kunnen oplopen.

Zoals inkomsten na de stopzetting van uw activiteit nog belastbaar kunnen zijn tot lang nadat u gestopt bent, zo kunnen ook kosten na de stopzetting nog aftrekbaar zijn. Het Hof van Beroep van Gent mocht zich in een bepaalde casus uitspreken over tal van kosten en uitgaven die nog na de stopzetting werden gedragen. Een bijzonder interessante casus!

Werknemers die een bedrijfswagen ter beschikking krijgen van hun werkgever, worden belast op een voordeel van alle aard. Dat voordeel is gebaseerd op de cataloguswaarde van het voertuig. Als de werkgever daar ook nog een tankkaart bij geeft, dan heeft dat geen impact op dat voordeel. Maar hoe zit het als de werknemer elektriciteit “tankt” op kosten van de werkgever?